Feeds:
Posts
Comments

VETTE NAMEN EN NOG VETTERE NAMEN

De line up van I Love Techno 2007 vertoont sterke gelijkenissen met de electronische helft van Pukkelpop 2007. Dit kan alleen maar een goed teken zijn, en het komt voor mij ook heel goed uit. Pukkelpop is zo een festival waar je veel kan zien maar nog véél méér kan missen …

I Love Techno is al lang niet meer enkel techno. Muziek globaliseert mee. Benamingen als hiphop-metal, punk-disco, rock-dance, jazz-techno, balkan beats enzovoort zijn allang geen chinees meer. Sommige combinaties zijn al meer geslaagd dan andere (Shenter Ikari), maar als ge thuis blijft valt ge waarschijnlijk ook maar van den trap en specialsaus zou er ook niet geweest zijn…

Ik noem hier enkele redenen om u en uw luie kont richting I Love Techno te begeven.

Ellen Allien
Ze werkt dikwijls samen met Apparat, maar alleen kan ze ook haar mannetje staan. Haar muziek valt te omschrijven als: diepe, subtiele electro/techno, soms koel minimalistisch (ze is Duits, wat wil je), soms warm en poppy, zoals Way Out. Dit nummer doet mij wat denken aan de Boys Noize-remix van Feist’s kikker-nummer (ja dat met dat gekwaak, My Moon My Man).
Ellen Allien – Way Out

Feist – My Moon My Man (Boys Noize Remix)(niet de officiële videoclip)

———————————————————————
Klaxons

Ja je hebt het goed gelezen, die ventjes met hun fluo-frakskes komen ook. Of je dat nu een schande vindt of niet, ze worden de scheppers van de New Rave ofwel acid-rave sci-fi punk-funk genoemd en hebben met hun debuut Myths of the Near Future een kiekevel-plaat gemaakt. En je kan er nog op dansen ook.

Klaxons – It’s not over yet

———————————————————————
Simian Mobile Disco

Hadden eerst een gitarengroepje genaamd Simian, maar boekten grotere successen met hun afterparty’s. Dit verhaal klinkt een beetje 2manyDJ’s achtig…

Ze bewandelen de gulden middenweg tussen indie en dance/electro, en die weg blinkt en blijft verrassen.

Simian Mobile Disco – I believe

———————————————————————
Underworld
Waarom grote namen grote namen zijn:

Underworld – Cowgirl

———————————————————————
Gui Boratto

 Gui Boratto – Beautiful life

Gui Boratto - Chromophobia
Alleen al voor de hoes…. 
———————————————————————
MSTRKRFT (Masterkraft of Meesterkreeft)

Hadden een hitje met Work on You op Stubru, maar de rest van hun plaat The Looks vindt zijn weg niet goed naar onze favoriete zender wegens, volgens mij, het iets te hoog percentage aan E-tjes (kleur- en smaakstoffen). Die dikke strakke modieuze bassen smeken om aangename organische zangpartijen maar het enige dat we voorgeschoteld krijgen is een koude verdistortionde robotstem. Maar maar maar, maar toch is het niet slecht, en Street Justice verplicht je tot onmiddellijke beweging…

MSTRKRFT – Street Justice
Mstrkrft Op Myspace

Op hun myspace kan je de zeer geslaagde remix beluisteren van Justice – D.A.N.C.E., maar ook de minder goede, gecommerialiseerde versie van Street Justice. –> myspace MSTRKRFT

 ———————————————————————

 Ik kan zo nog een tijdje doorgaan, want Justice en Digitalism en Miss Kitten en Goose en de rest van de line up niet vernoemen zou een schande zijn, dus dat is dan bij deze gebeurd.

Allen in koor:

We Loooove Techno!

Toi toi

 www.ilovetechno.be

http://www.ilovetechno.be/2006

OK Go — Here it goes again

Hihi

Hiermee bedoel ik dus niet de puber-punkrock die cliché melodieën en cliché muzikale truckjes combineert met kinderachtige teksten die enkel gaan over verloren kalverliefdes en pestkoppen op school en die deze ingrediënten schaamteloos herkauwt tot in de eeuwigheid…
Nee,
ik heb het hier over punkrock met boeiende thema’s, soms politiek getint, soms gewoon over het leven; met intelligente songstructuren, zanglijnen, harmonieën, drumpartijen.

Voor wie ondanks mijn pleidooi toch de neiging heeft zijn neus een beetje op te trekken en zijn oren een beetje dicht te nijpen; of voor wie gewoon een duwtje in de goede richting nodig heeft, enkele kippevel-rifjes wil horen om voorgoed verslaafd te raken aan het genre? Hier zijn ze:

Tiger Army: Cupid’s Victim
album: II: Power of Moonlite (2001,Hellcat Records)
Tiger Army is een psychobilly band (= rockabilly + punk) uit California. Een vrij zeldzaam genre. Je kan er meer over lezen op http://en.wikipedia.org/wiki/Psychobilly. Tiger Army speelde dit jaar op Groezrock. Ferm. Eén van hun beste nummers is Ghostfire, te beluisteren op www.myspace.com/tigerarmy.

Rise Against: Heaven Knows
album: Revolutions Per Minute
Dit jaar op Groezrock, en vorig jaar ook. Een optreden van Rise Against is heel intens. Het is een groep waaruit ervaring blijkt als je ze op het podium bezig ziet. Hun nummers zijn krachtig en hebben de juiste zanglijnen om je gevoelige snaar te raken. Mooi evenwicht tussen ritme/’hardheid’ en melodie. Dit genre is volgens mij de ‘gulden middenweg’ tussen melodische punkrock (meestal nogal melig) en hardcore (waarbij men meestal enkel brult, over harde gitaarrifs). Ze noemen het dan ook melodische hardcore of hardcore punk.
De zanger heeft veel charisma en met zijn politieke (Rise Against is niet per se een politiek getinte groep maar in deze tijden is elke Amerikaanse groep wel politiek geëngageerd, du) en kameraadschappelijke speechen maakt hij het publiek heet en wild en geeft hij ze een gevoel van verbondenheid.

AFI met ‘The Celluloid Dream’
album: Sing The Sorrow (2003)
Deze mannen zijn maatjes van Tiger Army. Wel een ander genre. AFI (A Fire Inside) is meer (emo)punkrock.
Ze hebben 7 albums op hun kerfstok, maar begin toch maar met Sing The Sorrow. Dit kleine meesterwerkje boeit van begin tot einde.

Anti Flag : Turncoat
album: The Terror State
Amerikaanse politieke street punk. Vorig jaar op Groezrock, goed optreden. Niet buitengewoon, maar toch de moeite. Het woord Bush tellen was een onmogelijke zaak.. De stem van Justin Sane heeft wat te veel Janez Detd-gehalte maar het zijn leuke nummers dus we zien dat maar even door de vingers.

Strike Anywhere : Infrared
album: Exit English
Melodische hardcore.
Thema’s zijn brutale politiek, kapitalisme, vrouwenrechten, dierenrechten, globalisatie…
Exit English is één van de weinige albums (van alle albums van alle groepen die ik ken) die ik zou durven omschrijven als ‘benadert de perfectie’. Perfecte balans hard/zacht, melodie/ritme, zang/scream, eenvoud/complexiteit. Geen zwakke nummers te bespeuren! Alles vloeit in elkaar over, maar toch wisselt het ritme constant af. Zanger Thomas Barnett berijdt een storm van snelle gitaarrifs en complexe drumritmes alsof het niets is, heeft het geheel onder controle en legt er een stevige, goeie zanglijn bovenop. Petje af. Kopen die handel!!!

Hot Water Music: Remedy
album: Caution
Melodische hardcore die wat meer naar rock neigt. Goei schijf.

Billy Talent : Try Honesty
album: Billy Talent
Billy Talent is dit voorjaar beroemd geworden in België … Ze staan in de Afrekening (de lijst van de populaire alternatieve muziek) en dat wil meestal zeggen: het gaat bergaf met de kwaliteit van hun muziek, het gaat neerwaarts met de leeftijd van de luisteraars en het niveau van de teksten, hun website is ineens voorzien van een intro met een floepend flashke, hetzelfde met hun voorhoofd dat ook een floepend flashke krijgt, maar t gaat natuurlijk wel beter met hun portemonnee! Als je de plaat ‘Billy Talent’ – ‘Billy Talent’ ooit gehoord hebt is het moeilijk te begrijpen waar een nummer als ‘Falling Leaves’ vandaan komt. Het zal wel niet zo plots gebeurd zijn als ik het hier voorstel, maar kom, t is frustrerend!

S.T.U.N. : Annihilation Of The Generation
album: Evolution Of Energy
Ik heb een vaag vermoeden dat deze groep niet meer bestaat, maar dat moet ik nog eens verder onderzoeken…
Evolution of Energy is alleszins de moeite om eens naar op zoek te gaan. Het genre valt te omschrijven als The Hives met wat meer punkrockgehalte en streetpunk teksten.

Meer volgt !

2. De Moeilijke Tweede van Clap Your Hands Say Yeah: Some Loud Thunder

De Moeilijke Tweede

Wie de eerste gemist heeft, mag nu geheel terecht een ‘leeg’ gevoel constateren ter hoogte van zijn muzikale organen…
Dit gevoel is enkel te verhelpen door Clap Your Hands Say Yeah (de Gemakkelijke Eerste) aan te schaffen en vast te lijmen in je cdspeler.

De Gemakkelijke Eerste

Dit is een ongelofelijk meesterwerk zonder dieptepunten dat we ook live hebben mogen bewonderen in de AB een paar maanden geleden. KIPPEVEL.
Toen was er nog maar net sprake van die tweede. Hij lag nog maar net in de winkels, en CYHSY was zo wijs om het publiek niet te ontmoedigen met nieuwe nummers die zo wat honderd luisterbeurten nodig hebben tot je ze ten volle kan appreciëren.

Na in enkele recensies over die tweede plaat te lezen dat de recensent niet genoeg tijd had gehad om die honderd luisterbeurten tot zich te nemen, en dus niet kon vertellen of de cd eigenlijk goed was of niet, wat eigenlijk wel heel eerlijk is, besloot ik het maar te doen…(ik denk dat ik al aan 101 zit, maar ik zal hem, om zeker te zijn, nu toch ook maar draaien)

Om fans gerust te stellen: de bezwerende, verslavende, nasale stem van Alec Ounsworth is er nog steeds, de goede melodieën zijn er ook nog. Al blijven ze soms wel een tijdje weg.
Wat opvalt is dat het tempo veel lager ligt, soms zijn er te weinig drums aanwezig en missen we snelheid. Door dit tragere tempo worden de teksten wel meer blootgelegd. Lang geleden dat ik een cdboekje zo aandachtig heb zitten bestuderen.
De teksten zijn vaag, soms worden woorden gewoon opgesomd, vage adjectieven, primitieve werkwoorden. Heel poëtisch, soms bijna geen tekst, eerder beeld. Soms prachtige zinnen:

she smiles
then she laughs and then
she rights the wheel
on the road again
while all you fear are her thighs

Waar het precies over gaat? Deze vraag is misschien naast de kwestie…

De opener en tevens titelsong is niet slecht, maar heeft een storend effectje over zich, wat op zich wel mag, maar het blijft het hele nummer doorgaan…en we moeten nog meer geduld hebben want daarna het is nog wachten tot het vierde nummer, Love Song No. 7, tot het niveau van de eerste plaat weer terug is. Traag, maar heel mooi: die bezwerende stem begeleid door een eenvoudig pianorifje. Daarna volgt Satan Said Dance, een bescheiden stubru-hitje, wat voor lcd-soundsystem- & !!!-fans ongetwijfeld één van de betere nummers is, maar ik vind het niet veel in zich hebben. Een nummer en een intermezzo verder krijgen we Goodbye to Mother and the Cove, één van de weinige echte parels op dit schijfje. Traag maar goed opgebouwd, sterke zang- en baslijn. Weer twee tracks verder (skippen is een noodzakelijk kwaad met deze cd) volgt Yankee Go Home, een iets sneller nummer waarop je naar het einde toe wel begint mee te bewegen…
uiteindelijk vinden we de drums terug in Under Water (you and me). Als Alec dan begint te zingen, kunnen we ons enkel nog zon en zee voor de geest halen. Mmmm….
Hopelijk blijft dit nog even duren, maar helaas, we stranden, en zijn een beetje op onze honger blijven drijven… Het afscheidnummer Five Easy Pieces klinkt alsof het ons door de zinderende hitte tegemoetkomt, zomers en dromerig, maar, een echt lied, met alles erop en eraan, is het niet…

Even een résumé:

Nummers om te skippen:
—————————-

  • emily jean stock
  • mama, wont you…
  • arm and hammer

Nummers om op repeat te zetten (geef ze wel de tijd om te ‘groeien’):
——————————————————————————-

  • love song no.7
  • goodbye to mother and the cove
  • under water (you and me)

CYHSY.jpg

www.clapyourhandssayyeah.com
www.myspace.com/clapyourhandssayyeah

We Won Two Trees

4. The Shins

‘Pink Bullets’ uit ‘Chutes Too Narrow’ (2003):

The Shins : Concert te Botanique Brussel 6 april ‘07

The Shins Botanique

Na enig gesukkel om de Botanique te vinden (volgens de website op enkele passen van het noordstation, we hebben uiteindelijk een lift gekregen van mensen die we aanspraken omdat ze er uit zagen alsof ze naar een concert van the Shins gingen, en ja, inderdaad, indiërs kan je soms herkennen aan hun uiterlijk), rustten we tijdens het op het eerste gehoor niet indrukwekkende voorprogramma (Viva Voce) uit met een pintje in de hand op het terras van de Orangerie, dat uitkijkt op de indrukwekkende tuin, en terwijl we dat deden mijmerde ik over een eigen toekomstig concert daar tussen de symmetrische wandelpadjes en mooi gecoupeerde haagjes.

The Shins openden met het al even dromerige, Grandaddy-achtige synth-deuntje van ‘Sleeping Lessons’, wat ook de opener is van ‘Wincing The Night Away’, hun jongste plaat. Kriebels in mijn buik bevestigden mijn voorgevoel dat dat concertticketje zijn geld veel meer dan waard ging zijn.

Wat mij enigzins verbaasde, was hun ‘performance’: ze leken uitgeput, reden: laatste optreden van hun Europese tour. Het leken sympathieke mannen hoor, maar het groene lachje van de weinig charismatische zanger (groot contrast met de man van Clap Your Hands Say Yeah, die vent, die stráálde gewoon!) overtuigde niet, de drummer leek af en toe bijna in slaap te vallen, en de ietwat vreemde grimassen en ouwe rocker-moves van gitarist/bassist Dave, met punkrock-roots, die tevergeefs een ‘coolere’ look aan het geheel wou geven, konden mij ook niet bekoren. Niet dat dit mij echt teleurstelde, want eigenlijk hecht ik geen belang aan die dingen als de rest goed zit, zoals hier het geval was:

De stem van James Mercer was van cd-kwaliteit: zacht en scherp en hoog en uniek en kippevel-achtig, en werd extra in de verf gezet door aangename backing vocals van 3 andere bandleden. Hun cleane gitaarsound klonk al even idyllisch en de partijen werden mooi uitgebalanceerd onder de 4 gitaristen. Er werd dikwijls van instrumenten gewisseld, wat tegenwoordig absoluut geen taboe meer is – eerder zelfs hip, en wat de muzikale mogelijkheden live een pak uitgebreider maakt.

line up:

James – zang/gitaar
Jesse – drums
Marty – gitaar/bas/keys/backings
Dave – gitaar/bas/backings
Eric – keys/(slide) gitaar/backings
en af en toe Anita Robinson van Vica Voce die nonchalant met haar tamboerijn zwaaide en een overbodig backing-vocaltje bracht.

The Shins zijn vooral goed in songs met een hoog ‘perfect pop-gehalte’: Kissing The Lipless, So Says I (overigens een waardige afsluiter), Australia, New Slang, Phantom Limb… : sterke, creatieve melodieën, intelligente en opbouwende/opzwepende songstructuren met afwisselende ritmes, en een sterk gevoel voor polyfonie (waar ik extreem gevoelig voor ben). De andere nummers mogen er ook zijn, maar klinken soms wat voorspelbaar (op Wincing The Night Away, hun laatste plaat, staan net iets te veel van die nummers; Girl Sailor zou evengoed een vlaamse schlager kunnen zijn… het doet mij, ik kan er echt niet aan doen, denken aan een nummer van Dana Winner), en tijdens een concert moeten ze de traagjes voor mij niet allemaal spelen, en zeker niet in het 2e deel, en zeeeker niet als ze dan daarna de boel terug proberen opvrolijken met een plepse cover van The Modern Lovers…

Maar al bij al was het een ferm concert, en als ik een schijfje kan aanraden, begin dan met Chutes Too Narrow, dat vind ik nog altijd de beste.

ChutesTooNarrow

www.theshins.com

www.myspace.com/theshins

Indie is een verzamelnaam die wordt gebruikt voor muziek die zich over het algemeen laat karakteriseren door haar houding: een afkeer van commerciële muziek en een voorliefde voor het experiment. De naam komt van het Engelse woord independent, wat onafhankelijk betekent. Indie-muziek kan vrij divers zijn, van ambient tot heavy metal, maar meestal bedoelt men met de naam een subgenre uit de alternatieve rock, zogenaamde Indie rock, die bekend werd door bands als Pavement en Sonic Youth.” (Wikipedia)

Hierbij wil ik het hebben over enkele indie bands die mij de laatste jaren kippevel hebben bezorgd, mij met mijn mond vol tanden gezet hebben, mij deden vergeten waar ik was of waar ik naartoe moest. Bij de volgende groep heb ik meerdere malen mijn bushalte voorbij geluisterd…

1. Minus The Bear (niet zomaar mijn nummer 1)

MenosElOso

Recensie uit Rifraf:

Minus The Bear
‘Menos El Oso’
Undergrove Records/Suburban
2005

“Als een beer die wakker wordt uit zijn winterslaap, rondtastend, haperende maar herkenbare bewegingen, met opstoten van energie op weg naar iets nieuws of een nieuwe vorm van het oude. Zo kronkelt deze wondermooie groeiplaat tussen dansbare poprock à la Bloc Party en donkere sfeervolle indierock zoals Small Brown Bike, Cursive of Pretty Girls Make Graves. Met melodieën die begraven liggen onder een laagje experiment en zich pas na enkele luisterbeurten ten volle prijsgeven, met gitaren die clean, subtiel en toch krachtig hun plaats innemen. Met mooie zanglijnen, gevuld met interessante ideeën, met warme refreinen ingekleurd met ijskoude electronica. Met dit alles is ‘Menos El Oso’ de geschikte, misschien wel aangewezen plaat om me in eindeloze repeat-mode richting winterslaap te begeleiden. Waarvoor dank. (dg)”

Je weet dat laagje er geleidelijk aan af te schrapen, en je bent fier, want dit was geen hapklare brok, maar de laatste restjes ‘experiment’ krijg je er niet af, je kan het nooit helemaal volledig vatten, en je wordt deze muziek daarom ook nooit beu. De drums zijn heel subtiel, strak, ingewikkeld en punkrock-like tegen de maat in, en soms heeft het ook wel weg van de ‘drum’ in drum & base. Wat dg een paar jaar geleden schreef over ‘Menos el Oso’ is voor de rest ongeveer exact (ja, ook met dezelfde woorden) wat ik jullie erover wou vertellen..

Een even goede plaat van Minus The Bear heet ‘Highly Refined Pirates’ (2002), met als absoluut hoogtepunt ‘Absinthe party at the fly honey warehouse’. Ik heb hiervan geen goede on line-versie gevonden, maar de heel-erg-amateuristische opname hieronder geeft me het aangename gevoel dat ik mij onder indie-buddies bevind, en ik weet niet of je de sublimiteit van dit nummer door de storende factoren door kunt horen, maar als dat dus niet zo is, en dat kan best, want het staat er zelfs niet helemaal op, hoop ik dat je mij op mijn woord gelooft.

Onlangs heb ik ze voor het eerst op stubru gehoord. Ein-de-lijk. Spijtig genoeg was het de remix van het nummer ‘Drilling’ en niet de oorspronkelijke versie. Er is in februari een remix plaat uitgekomen van hun laatste spruit ‘Menos el Oso’, genaamd ‘Interpretationes del Oso’. More about this later. Je kan ‘Drilling’ beluisteren in de mediaplayer op www.minusthebear.com (het is het 2e nummer, zet je boxen wagenwijd open en luister tot het einde..). En als je het echt niet kan laten, de remix staat op hun myspace. Zoek hem zelf maar.
Volgens een gevoel in mijn kleine teen komen ze misschien naar Pukkelpop (of een andere indie-magneet in onze buurt), en niet volgens een gevoel maar eerder uit ervaring zeg ik dan dat ze het najaar daarop in ons favoriete luchtruim een serieuze plaats krijgen.

Eigenlijk heb ik een klein beetje gelogen, ik had een paar dagen geleden al het gevoel dat ik hun website nog maar eens moest checken (ik heb dat een paar jaar volgehouden, maar altijd zonder resultaat) op zoek naar het woordje ‘Europe’, en deze keer dus met succes, want ze komen, ze komen!! AAaaaaaaa!!!

Minus The Band

‘Happy Wednesday everyone! It’s true, It’s true! We are going to the UK, Netherlands and Belgium!!! I am going to freeze my arse off. Luckily, I have located my passport, so I’m pretty sure they will let me in to Europe…’

En, last but not least, ze werken ook aan een nieuw album, waarvan we dan deze zomer – hopelijk – de eerste noten mogen aanschouwen:

Tuesday, March 20, 2007Already Day 47
‘Hey! We’re living Day 4 of mixing here at the Planet of Ice ‘

Dag 47 pas, of dag 47 al? Spijtig dat de tijdsaanduidingen niet op ‘remaining’ staan..

///////////////////////////////////////////